"Hier kan eventueel een mooie quote"

Op weg naar een toekomstbestendig pachtrecht

18-10-2018 -

Het Spelderholt akkoord over een vernieuwd pachtrecht is in april 2016 tot stand gekomen. Twee organisaties sloten zich bij de uitkomst niet aan. Een bemiddelende rol door de heer S. Heldoorn heeft niet geleid tot een oplossing en derhalve een breder gedragen akkoord. De Federatie Particulier Grondbezit (FPG) heeft toen belanghebbende organisaties uitgenodigd om alsnog tot overeenstemming te komen door een zestal deelonderwerpen uit te werken.

In afwachting van de pachtvisie van LNV
FPG, LTO, NAJK, a.s.r., Natuurmonumenten en Landschappen vinden dat het pachtrecht moet worden herzien. Het huidige pachtstelsel functioneert niet goed en is niet toegerust op de nieuwe uitdagingen waarvoor grondeigenaar, terreinbeheerder en grondgebruiker staan. Voor de grondgebonden landbouw en de natuursector is immers een belangrijke rol weggelegd aangaande zaken als energietransitie, duurzaam bodembeheer, behoud van biodiversiteit en goed waterbeheer al of niet in samenhang met de klimaatsopgave. Om die reden is het goed dat de Minister van LNV nog dit jaar een pachtvisie uitbrengt.

Spelderholt: bouwsteen voor toekomstig pachtstelsel
Het Spelderholt akkoord levert naar de mening van FPG, LTO, NAJK, a.s.r., Natuurmonumenten en Landschappen een belangrijke en breed gedragen bouwsteen voor een vernieuwd en toekomstbestendig pachtstelsel. De kern van het akkoord is de introductie van vier verschillende pachtvormen. Naast flexibele pacht (voor grond en gebouwen), loopbaanpacht en teeltpacht wordt een nieuwe vorm van langjarige pacht geïntroduceerd. Voor alle pachtvormen wordt het mogelijk de prijs correctief te laten toetsen. Ook bij de langjarige reguliere pacht bepalen pachter en verpachter in goed overleg zelf de pachtprijs en de duur. Verder krijgen de zittende reguliere pachters en bedrijfsopvolgers, medepachters en erfgenamen een langjarig overgangsrecht. Het NAJK maakt hierbij een voorbehoud. De beschikbaarheid van grond wordt bevorderd doordat naast de nieuwe vorm van loopbaanpacht de AOW-gerechtigde leeftijd weer als opzeggingsgrond in het pachtrecht wordt opgenomen.

Stabilisatie van pachtnormen door aftopping meer dan gewenst
FPG, LTO, NAJK, a.s.r., Natuurmonumenten en Landschappen hebben zich gebogen over de uitwerking van een aantal deelonderwerpen van het Spelderholt akkoord.
Twee belangrijke deelonderwerpen vragen nog om nadere uitwerking.
Het gaat om het inkaderen van de grote schommelingen van de regionale pachtveranderpercentages en pachtnormen bij de huidige reguliere pacht en de indexering van de pachtprijs van de beoogde nieuwe reguliere pacht.
Omdat verpachters en pachters grote fluctuaties ten gevolge van de veranderpercentages ongewenst vinden hebben zij het ministerie van LNV gevraagd aan de WUR de opdracht te geven om voor een aantal verschillende aftoppingsvarianten van 5 en 10% berekeningen te maken. Het aftoppen kan mogelijk zorgen voor stabilisatie van de pachtnormen. Recent zijn die WUR- berekeningen beschikbaar gekomen. Daaruit blijkt dat bij een klein aftoppingspercentage het verschil tussen de berekende pachtnormen en de afgetopte pachtnormen toeneemt. In de beschouwde periode (2012-2018) zou een aftopping in veruit de meeste gebieden in het nadeel van de verpachter uitwerken. Hoe kleiner het aftoppingspercentage des te groter de gevolgen blijken te zijn. Om de gevolgen te beperken zou volgens WUR een hoger aftoppercentage te overwegen zijn.

Representativiteit van de input voor berekening van de pachtnormen belangrijk
FPG, LTO, NAJK, a.s.r., Natuurmonumenten en Landschappen zijn van mening dat de grote bandbreedte in de schommelingen ook mede het gevolg kan zijn van het beperkt aantal referentiebedrijven per pachtregio en onduidelijkheid over de weging aan de hand waarvan de regionale veranderpercentages en pachtnormen worden berekend. Het gebruik van representatieve bedrijfsuitkomsten zal naar verwachting de fluctuaties sterk verminderen.
De samenwerkende organisaties willen naast het rapport ‘Stabilisering pachtnormen door aftopping’ dan ook naar de pachtberekening zelf kijken en daarover in gesprek met het ministerie van LNV en WUR komen.

Keuze voor indexering nog niet gemaakt
Over het indexeren van de voorgestelde nieuwe reguliere pacht hebben FPG, LTO, NAJK, a.s.r., Natuurmonumenten en Landschappen nog geen gezamenlijk besluit kunnen nemen. De georganiseerde landbouw en jonge boeren willen vooral een koppeling met de regionale veranderpercentages van het huidige pachtprijssysteem dat de verdiencapaciteit van de agrarische ondernemer als uitgangspunt neemt. De georganiseerde verpachters denken meer aan het werken met de CPI - index die ook oog heeft voor het vermogensbeheer.
Beide indexen of een combinatie daarvan roepen nog vragen op.
Bij de nieuwe reguliere pacht bepalen verpachter en pachter zelf welke index of combinatie daarvan zij wensen te gebruiken. De hiervoor genoemde organisaties gaan ervan uit dat zij tot een gemeenschappelijk standpunt komen en daarover het ministerie op korte termijn kunnen informeren.

Evaluatie noodzakelijk
In het Spelderholt akkoord is opgenomen dat het nieuwe stelsel na 10 jaar geëvalueerd zal worden en na 5 jaar te bezien of er reden is tot een versnelde evaluatie. Een herziening moet ervoor zorgen dat het afsluiten van langjarige pachtovereenkomsten (nieuwe
reguliere pacht en loopbaanpacht) wordt bevorderd om daarmee duurzaam grondgebruik te realiseren. Opvolgende generaties moeten ook duurzaam van de grond gebruik kunnen maken.
De realisatie van het pakket moet scherp en jaarlijks worden gemonitord. De Grondkamers kunnen een bijdrage leveren door het aanleveren van rapportages.

Gemeenschappelijk belang duurzaam bodembeheer
Grondeigenaren, terreinbeheerders en grondgebruikers onderschrijven het grote belang van duurzaam bodembeheer. Verpachters en pachters hebben daarbij een gemeenschappelijk belang.
In alle pachtvormen zou de mogelijkheid/vrijheid moeten bestaan dat verpachter en pachter in overleg met elkaar goede afspraken kunnen maken die zien op een duurzaam bodembeheer.

Ontpachting dreigt door verzwaarde fiscale lasten
Ontpachting dreigt doordat verpachters worden geconfronteerd met het per 1 januari 2017 sterk verhoogde Box 3 tarief en de vrijwel zeker per 1 januari 2018 sterk verhoogde normwaarden van verpacht bezit in Box 3. Verlichting van deze effectieve belastingdruk is beslist noodzakelijk. Het gebruik van de leegwaarde ratio voor de bepaling van de normwaarden in box 3 of de verhoging van de pachtdruk lijken te overwegen oplossingsrichtingen teneinde het verpachten van grond te stimuleren. Met name landgoederen met rijksmonumenten en verpacht bezit (niet zijnde gerangschikt onder de NSW) zouden geheel moeten worden vrijgesteld van de vermogensrendementsheffing. Het is zeer wenselijk om op korte termijn samen met de Ministeries van LNV en Financiën aan concrete oplossingen in de uitvoeringssfeer te werken.