Menu
Sluiten

Advies Johan Remkes neemt natuurherstel en boerenperspectief serieus

5 oktober 2022

Vandaag presenteerde Johan Remkes na gesprekken met veel betrokken partijen zijn advies over een uitweg uit de stikstofcrisis. LandschappenNL is gematigd positief over het advies. De crisis voor de natuur in ons land is vanwege het stikstofprobleem zo groot, dat verdere impasse en vertraging desastreus zijn. Remkes onderschrijft dat in zijn rapport.

LandschappenNL is blij dat de stikstofaanpak van het kabinet door Johan Remkes wordt ondersteund, onder meer door het in stand houden van 2030 als het jaar waarin een reductie van 50% van de stikstofuitstoot  vanuit de landbouw moet zijn bereikt. Ook is het goed te constateren dat Remkes consistent is met zijn eerdere bevindingen m.b.t. de onontkoombaarheid van de aanpak. Het kabinet moet nu dan wel echt doorpakken met het realiseren van kringlooplandbouw en met andere concrete plannen ten gunste van natuurherstel, zoals de 50% stikstofreductie. Remkes pleit ook voor het gericht uitkopen van piekbelasters binnen 1 jaar. Dat zou, hoe ambitieus ook, significante winst voor de natuur betekenen.

Tegelijkertijd roept het rapport ook nog vragen op; zoals dat kaartje dat van tafel moet, dat wordt aangestuurd op een landbouwakkoord, dat tussentijdse meetmomenten in de wet moeten worden vastgelegd. Hoe dan ook moet dit soort zaken niet leiden tot vertraging, dat leidt alleen tot nog meer schade voor de natuur en tot een nog langere periode van onzekerheid voor de boer.

Ten aanzien van de KDW stelt Remkes dat deze op termijn uit de wet kan. De KDW is niet alleen een belangrijk meetinstrument, het is ook het enige wat we nu hebben. Tegelijkertijd is de problematiek in het landelijk gebied veel omvattender dan alleen ‘stikstof’. In dat licht bezien is de opmerking van Remkes over de KDW wel te begrijpen,  maar het is onverstandig dat meetinstrument af te schrijven voordat er nieuw instrumentarium is.

Genoemde piekbelasters (versneld) uitkopen is een uitstekend voornemen, waarbij het ongetwijfeld zo zal zijn dat de daarmee vrijvallende stikstofstofruimte niet 1-op-1 weer wordt gebruikt voor economische ontwikkeling (industrie, landbouw) maar ook om sèc de depositie in natuur en landschap te reduceren.

Naast oog voor natuurherstel geeft Remkes een voorzet voor perspectief voor de landbouw. Dat is zeker nodig en dat perspectief schetst Remkes ook in grote lijnen, hoewel zijn ‘denklijn’ nog wel verder uitgewerkt moet worden. Waar het kabinet een visie heeft klaarliggen voor de transitie naar kringlooplandbouw, zien we dit nu niet terug komen in het advies. Dat baart ons enige zorgen, immers, juist deze transitie geeft ruimte aan landbouw èn natuur in ons land, in een geïntegreerde en samenhangende vorm. Remkes laat zien dat hij oog heeft voor de onzekerheden en vragen vanuit de landbouw, wat hopelijk bijdraagt aan het herstel van het ‘normale’ gesprek tussen partijen. Dat boerenperspectief belangrijk is, en wordt helder geduid; het realiseren ervan vraagt echter nog veel werk.

LandschappenNL constateert dat ook uit het rapport van Remkes blijkt dat kabinet nu moet doorpakken met het realiseren van die kringlooplandbouw en met (andere) concrete plannen ten gunste van natuurherstel. En natuurlijk gaat het niet alleen om de landbouw; Remkes benadrukt terecht dat alle sectoren hun verantwoordelijkheid moeten nemen en samen aan de slag moeten. Voor een betere toekomst voor de boeren, voor de hele achterliggende keten, èn voor de natuur. In de uitwerking van de visie gaan we er vanuit dat de natuur- en landschapsorganisaties intensief betrokken zullen worden.

Goed om te benoemen dat er in de praktijk al veel gebeurt om de staat van natuur en landschap te herstellen. Zo wordt in een aantal provincies samen met boeren gewerkt aan de het vormgeven van ‘landschapsgrond’, een vorm van extensief grondgebruik waarbij de natuur actief de kans krijgt te herstellen en waarbij ondernemende agrariërs een belangrijke rol in hebben en houden in het grondgebruik. Daarnaast biedt het recent gepresenteerde Aanvalsplan Landschap mogelijkheden om als agrariërs te verdienen aan de aanleg en het beheer van landschapselementen. Niet alleen biedt dit financieel perspectief voor de agrarische ondernemers, ook draagt het zichtbaar bij aan de versterking van de biodiversiteit, het herstel van het streekeigen landschap, en het pareren van de effecten van klimaatverandering.

Waar Remkes stelt dat er eerst een paar andere stappen genomen moeten worden om verder te kunnen, zien wij vooral ruimte om uit de crisis te komen door op korte termijn met alle betrokken partijen in gesprek te gaan over de uitvoering van het voorgestelde gebiedsgerichte beleid. Aan de slag! Met het gebiedsproces als belangrijke aanpak. Uitgangspunt daarbij is dat de landbouw in ons land een transitie door moet maken, die haar weer in evenwicht brengt met natuur, milieu en landschap , èn die boeren en boerinnen een duurzaam inkomen biedt: natuur- en landschapsinclusieve kringlooplandbouw.

Natuur- en landschapsorganisaties kunnen en willen een grote rol spelen bij deze landbouwtransitie. Wij werken in veel gebieden nadrukkelijk samen met de agrarische sector, en groene vrijwilligers leveren op veel plaatsen een essentiële bijdrage aan het behoud en beheer van het agrarisch cultuurlandschap. Dat potentieel, die samenwerking, dient op waarde geschat te worden, en vormt een belangrijke steun voor het welslagen van de gebiedsprocessen.